De Heere heeft bezocht

“Gelooft zij de Heere, de God Israëls, want Hij heeft bezocht, en verlossing te weeg gebracht Zijn volke.” Lukas 1:68 

Als Johannes geboren is, krijgt Zacharias op de dag van de naamgeving zijn stem terug. Terstond begint hij de Heere te loven en te prijzen. Niet allereerst vanwege de vreugde om de geboorte van zijn eigen zoon. Zacharia’s vreugde heeft veel diepere grond. En dat wordt duidelijk in de uitdrukking die hij gebruikt: “De Heere heeft bezocht.”

Dat bezoek is reeds begonnen bij de vraag van God aan de in zonden gevallen Adam: “Waar zijt gij?” En bij iedere belofte, uitredding en zegen die God in de geschiedenis schonk, is dat bezoek vernieuwd. Maar alles wat God beloofd heeft vanaf het begin van de moederbelofte tot aan de laatst gehoorde belofte van de komende Messias, gaat de Heere nú werkelijkheid laten worden... Hij gaat Zijn beloften vervúllen!

In de verwondering om zoveel genade zingt Zacharias het uit: God heeft Zijn volk bezocht! De Heere hééft gedacht aan Zijn verbond en aan Zijn beloften aan de voorvaderen gedaan... Hij hééft Zijn arme volk niet uit het oog verloren! Dat is voor Zacharias zo’n wonder dat hij er niet van kan zwijgen: God ziet om naar ménsenkinderen! Voelt u daar ook iets van aan? Van dat onbegrijpelijke wonder dat God een zondig en afgedwaald mens op komt zoeken met Zijn heil? Heeft dat ons op de knieën gebracht voor Hem? In verootmoediging en schuldbelijdenis?

Want de Schrift spreekt ook over de mogelijkheid dat God de zonde van het volk komt bezoeken. Als God dat doet, dan komt Hij met Zijn straffen en oor delen. Daar moeten de profeten voor waarschuwen en oproepen tot bekering. Dat geldt ook vandaag nog! Bekeer u van uw zondige wegen voordat de Heere met Zijn rechtvaardig oordeel uw zonden komt bezoeken!

Hier mag Zacharias zingen van Gods bezoek niet tot oordeel, maar eerst tot verlossing. Het woord dat hij daarvoor gebruikt is een woord uit de rechtspraak. Verlossing in de betekenis van het vrijkopen van een slaaf door middel van een losprijs. Zacharias profeteert hier van een geestelijke verlossing die alleen door de Messias tot stand gebracht kan worden. Met dat doel komt God Zijn volk op zoeken: tot vrijkoping uit de slavernij van de zonden! Want ze moeten losgekocht worden uit de macht van de satan. Door de gave van Zijn eigen Zoon: Jezus Christus. Hij heeft de prijs betaald...

Zacharias zingt dan al van die verlossing in de onvoltooid verleden tijd: hééft te weeg gebracht. Terwijl de Heere Jezus nog geboren moet worden en die hele weg van lijden en sterven nog moet gaan. Hoe kan dat? Dat is het rijke geheim van het geloof! Daar waar in het geloof de belofte wordt aangegrepen, daar mag de inhoud van de belofte al in beginsel het eigendom zijn van de gelovige. Dat noemden de Reformatoren het “reeds en nog niet”. Reeds verlost en nog dagelijks bekering nodig van de zonde. Door het geloof mogen zij die hebben leren pleiten op Zijn beloften, al in dit leven reeds de vergeving van de zonden, de rechtvaardiging de heiliging ont vangen. Dan mag het geloof om Christus’ wil zingen: “De Heere hééft verlossing voor Zijn volk te weeg gebracht!”

God heeft omgezien om Zélf de losprijs te betalen om daardoor Zijn volk vrij te kopen uit de duisternis!

Dat is wat voor een ieder van ons nodig is: dat we de inhoud van Gods beloften nu door het werk van de Heilige Geest ook persoonlijk ontvangen. Daar wil de Heere om gebeden worden! Daarom is het nu zo onuitsprekelijk dwaas wanneer we niet gaan vragen om de vervulling van die beloften... De Heere wil de beloften in de weg van het gebed, in de weg van het geloof en bekering Zélf voor u en mij vervullen... Het loflied van Zacharias vraagt van een ieder van ons de beantwoording met het gelovig gebed: “Heere bezoek ook mij met Uw verlossing!” 

LAdB